Troixième partie

Na een voorspoedige reis, zondagochtend langs Parijs trekken bevalt ons goed, komen we bij ons vakantieverblijf. Het is zonnig. De lente is begonnen, de natuur laat zich van haar mooiste kant zien. We weten het nu heel zeker, deze streek is waar we willen zijn. De heuvels, de haagjes langs de velden, de lieflijke gehuchtjes, we genieten en komen tot rust.

Maandagmiddag vertrekken we naar ons aanstaande huis. We zijn wat te vroeg en maken eerst een wandeling met de hond. Dan kan ik niet langer wachten. In mijn voorstelling is de eigenaar een oud Frans mannetje, een alpino zal hij vast niet op hebben maar ik zie het wel voor me. Het is een oud mannetje. Maar kwieker dan ik dacht. En een alpino staat hem niet. Ik geef hem stroopwafels met twee houten tulpjes als cadeau uit Nederland en dat stelt hij op prijs. Terwijl we wachten op de makelaar babbelen we wat. Nou ja, hij babbelt en wij knikken, oui-en en doen alsof we die waterval aan Franse zinnen begrijpen. Ik pers er een ‘oú est la fosse’ uit en hij laat het ons allemaal zien. De septic tank is er. In gedachten stel ik mijn verbouwbegroting bij naar beneden. De makelaar komt en neemt het over. Er is een handbeschreven kartonnetje waarop instructies voor de kachel en radiatoren staan. Deze moet iedere herfst leeg tegen bevriezing in de winter en in het voorjaar weer gevuld. Netjes heeft de eigenaar genoteerd dat dit 2 á 3 uur duurt, dat we daar wel rekening mee houden. En hier zit een filter wat vervangen moet worden. En hier kristallen die de ionen regelen. Ik knik, het valt me mee hoeveel ik ervan begrijp. Voor de zekerheid maak ik foto’s van alles wat hij aanwijst. We beginnen de op olie gestookte combi CV steeds minder fijn te vinden. Hoe moet dat als we met de Kerst hier willen zijn? Eerst in een ijskoud huis de radiatoren vullen? Wat is er mis met elektrische radiatoren? Die hele olietank naast het huis ook meteen weg? Ik stel mijn begroting in gedachten weer naar boven bij voor deze onvoorziene post.

Hij heeft ook een schrijven waarop we een handtekening moeten zetten. Eerst vertelt hij uitgebreid wat hij ermee bedoelt. De vloer boven de huidige slaapkamer beneden is gevaarlijk. Als je langs de kanten loopt, kan het net. Maar de constructie is te zwak om deze verdieping te gebruiken. In mijn hoofd maak ik een aantekening dat de geplande slaapkamer daar met deze situatie niet door kan gaan. Er komt een post ‘versterken verdiepingsvloer’ bij. En de begroting gaat in het rood. We zetten de handtekening zodat hij zwart op wit heeft dat we geïnformeerd zijn.

Ondertussen babbelt het mannetje lustig verder. Hij vindt ons aardig en wij hem ook. Hij maakt grapjes met een guitig gezicht en wij lachen, ook al begrijpen we er geen hol van. Hij vertelt over zijn moeder, hoe ze buiten een voederplankje op een stok zette en daarna achter het raam naar de vogeltjes keek. Dit begrepen we wel maar we konden de woorden niet vinden om te zeggen hoe mooi we dat vonden. Een ‘aaaah’ moest het duidelijk maken.

 

Appelboom in bloei. Ingewikkelde verwarming…

Na twee uur probeert de makelaar er een eind aan te breien. De eigenaar wil ons al een sleutel geven, het voelt goed, maar het is niet volgens de regels dus die geef ik door aan de makelaar. Terwijl de makelaar en manlief buiten wat bespreken, haalt het mannetje nog een sleutel tevoorschijn en geeft die aan mij. Ik neem ‘m aan en stop ‘m meteen in mijn jaszak. Dit houden we mooi onder ons. Uiteindelijk hebben we ons los weten te maken en met een hartelijk au revoir en van zijn kant nog ‘jullie mogen me altijd bellen als je iets wilt weten’ konden we richting supermarkt want we moesten nog boodschappen doen. We hebben maar niet gezegd dat we hem niet gaan bellen. Als we zijn gezichtsuitdrukking niet kunnen zien, dan begrijpen we niets van wat hij door de telefoon zou zeggen. Gelukkig mogen we desnoods onze vragen via de makelaar doorspelen, die spreekt een stuk beter Frans.

De volgende ochtend, de dag van overdracht, zijn we al vroeg uit de veren. Hondje moet een rondje want die gaat mee en moet zich gedragen. Douchen, beetje nette kleren aan, opgeladen mobielen en we kunnen richting Auzances. We zijn te vroeg dus lopen we een rondje uit beeld. De hond draait nog een hoop en dan is het tijd. Met de makelaar worden we in een wachtkamer geplant. We hoeven niet al te lang te wachten voordat we in de kamer van een vlotte notaris binnen worden gelaten. Er staat een groot beeldscherm met daarop de eerste pagina van de akte. Na het ter plekke wijzigen van een paar foutjes, lopen we moeiteloos door de tekst, dankzij de Engelse uitleg van de notaris. Wat gaat dit soepel, en zo modern. De handtekening worden op een tablet gezet, de sleutels gaan van de makelaar in onze handen. Met de mobiel hebben we de overdracht op foto vastgelegd. Die moeten we straks naar iedereen appen. Ook voor de notaris hebben we een pak stroopwafels (gaufre au sirop) met twee houten tulpen. Hij is er erg blij mee, ook al krijgt hij ze vaker van Nederlandse cliënten. Maar nooit met tulpen. Na drie kwartier staan we buiten. De wilde verhalen over uren bij de notaris zijn niet op ons van toepassing. We nemen afscheid van de makelaar en beloven contact te houden. De dagen bij hem en zijn vrouw in de B&B en het werk voor ons met het huis, hebben een mooie band geschept.

We drinken koffie op een terras bij de dinsdagse markt. We proberen ons te realiseren dat we net een huis hebben gekocht maar het kwartje wil nog niet vallen. Er gaan 25 appjes uit naar vrienden en familie met een sleutelfoto. We krijgen 25 felicitaties terug. En nog wil het kwartje niet vallen.

In onze collectie folders ontbreekt die van Auzances. Notabene het dorp waar wij op loopafstand vandaan zitten. De locale VVV was telkens dicht als we in de buurt waren maar was nu open. Een aardig meisje heeft ons voorzien van informatie in de buurt, een stadswandeling en het vierde exemplaar over de Creuse.

Dan dralen we niet langer en gaan we naar ons huis. Ons huis. Met moeite draait manlief de oprit op. Rotsen en een grote auto zijn geen goede combinatie en dat merken we pas op de parkeerplaats van de supermarkt, waar we uren later een enorme deuk onderaan de zijkant van de auto spotten.

Maar eerst het huis in. Nu mogen we overal aan komen en dat doen we. We zetten het tafeltje, waaraan de moeder van de eigenaar naar vogeltjes zat te kijken, buiten en pakken er twee jaren 60 stoeltjes bij. Gisteren had ik champagne gekocht bij de super en van thuis had ik plastic champagneglazen meegenomen. Met een grote boog belandt de kurk aan de rand van ons terrein. Die ga ik de komende maanden vast een keer terugvinden. We proosten. We genieten van het uitzicht. Notre maison. In het Drenthe van Frankrijk. Op het platteland. Het klopt.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *